De fysieke bibliotheekcollectie versus digitale content, samen of apart?
Het is een onderwerp dat met de regelmaat van de klok terugkomt; hoe positioneer je de fysieke bibliotheekcollectie ten opzichte van de digitale collectie? Sommigen zweren bij de catalogus, stop daar maar alles in, probleem opgelost.
Anderen houden de fysieke en digitale collecties liever gescheiden, papieren bezit in de catalogus en voor de digitale content heb je databanken. En dan is er nog een derde optie, kruisbestuiving tussen fysieke en digitale content.

Ik zelf weet het nog niet, alle oplossingen hebben zo hun voor- en nadelen. Bij Fontys hebben we deze discussie net opgestart, waarbij we vooralsnog focussen op fysieke tijdschrifttitels en eJournals. Het bovenstaande schema heb ik gemaakt ter ondersteuning van die discussie. Daarbij gaat het dus niet over de systemen, want die hebben we wel. Het hoeft ook niet te gaan over de technische opties, want die configureren we wel. Het gaat over de impact op onze klanten.
Want voor ons bibliotheek-nerds is dit misschien machtig interessante materie, maar uiteindelijk worden de systemen gebruikt door onze klanten. En die worden echt niet warm of koud van deze discussie. Wat ze willen is een eenvoudige- maar krachtige zoekinterface met direct bruikbare zoekresultaten. Of dat nu een fysiek boek is of een digitaal tijdschriftartikel, dat is totaal niet relevant, zolang de inhoud maar beschikbaar is. Laten we daar eens werk van maken.



(3.67)
Helemaal mee eens! Klanten willen niets weten van OPAC of A-Z-list of ERm, of wat dan ook. Het maakt ze trouwens ook niet uit of ze bij een Fontys website zoeken, of Google, of waar dan ook, als ze maar vinden wat ze nodig hebben (niet wat ze zoeken). Zoiets zeg ik ook in mijn blogpost http://commonplace.net/2009/05/no-future-for-libraries/
In dit kader voeren we “toevallig” op dit moment een discussie bij het ISS aangaande het toevoegen van trefwoorden en classificaties in de lokale catalogus. What’s the use?
Mijns inziens moeten we het hele concept van bibliotheken rondom een collectie vergeten, wat we hebben is een handige snelle vindplaats voor onze studenten en staf, maar via IBL of Amazon kan men altijd ook aan de materialen komen.
Wij leren onze studenten juist om zo breed mogelijk te beginnen (Google Scholar, WorldCat, OAISTER etc) en dan de juiste vindplaats te kiezen (the most appropriate copy) wat niet per sé --en in de meeste gevallen niet-- de eigen bibliotheek is. Ik deel veel van de inzichten die Lukas hierboven meldt op http://commonplace.net/2009/05/no-future-for-libraries/
Uit statistiek van onze OPAC blijkt dat 80% van alle activiteiten “known item searches” (de student zoekt op auteur of titel en weet dus al precies wat ie zoekt) zijn of “lookups” (er wordt vanuit WorldCat of de leeromgeving naar een item verwezen en gelinkt. De OPAC als plek voor (re-)search is een verouderd concept.
Zorg dat wat je voor je bibliotheek aanschaft zo snel mogelijk in WorldCat terecht komt en beschouw je lokale bibliotheeksysteem als een administratief systeem.
Zo beschouw ik onze catalogus ook, als een administratief systeem en een hulpmiddel voor de bibliotheekmedewerkers om de klanten naar de juiste plek te wijzen. Ik heb weinig digitale bronnen en mijn boeken staan niet in Worldcat. Juist de fysieke collectie is belangrijk en ook ‘fysieke’ dienstverlening, dus meelopen naar de kasten en wijzen waar de relevante boeken staan. Op termijn zou ik een deel van de bibliotheekcollectie wel graag digitaliseren (bijvoorbeeld mooie stalenboeken). Dan moet ik opnieuw nadenken over de rol van de catalogus.
Hoewel het altijd gevaarlijk is over “de” gebruiker te spreken, denk ik toch dat ook onze gebruikers gewend (of “verwend") geraakt zijn dat webzoekmachines altijd meteen het gezochte/gevonden materiaal opleveren. Meteen de primaire bron om in bibliothecaristermen te spreken. “Instant satisfaction” om met de gebruiker te spreken.
Dat kunnen onze catalogi nog bij lange na niet. Nog afgezien van het feit dat ze bijna nooit geschikt zijn voor onderwerpszoeken, moet je het materiaal nog zien te krijgen. En dan blijkt de fysieke bibliotheek net ver verwijderd van de plek waar jij toevallig bent, heb je te maken met sluitingstijden, is het boek net uitgeleend, enz. En ook IBL en Amazon geven geen instant satisfaction.
Zorg dus dat je in elk geval een systeem hebt dat gebruikers wel op elke plaats op elke tijd die instant satisfaction biedt en bovendien het gebruik van je duurbetaalde digitale bronnen stimuleert. Kortom een pleidooi voor de scheiding van digitaal en fysiek.
In Utrecht hebben we daar al jarenlang uitstekende ervaringen mee; twee zoekingangen: Omega voor digitaal en de catalogus voor fysiek. Het gebruik van het digitale materiaal heeft daardoor een duidelijk boost gekregen.
Overigens moet je daarbij natuurlijk wel zorgen dat beide systemen van elkaar afweten en waar nuttig en mogelijk zo automatisch mogelijk naar elkaar doorlinken.
Twee systemen is vooral voor onszelf, de makers, handig vanuit oogpunt van beheer en techniek. Een zoekend mens wil van nature liever 1 systeem. Het is eigenlijk niet heel moeilijk: bij een geïntegreerde ingang zou je met een paar simpele vinkjes de optie moeten bieden in slechts een deel van de collectie te zoeken. Bijvoorbeeld: toon alleen: V gedrukte materiaal V niet-uitgeleend gedrukt materiaal V online beschikbare bronnen etc etc. Bij gescheiden ingangen moet er in elk geval met koeieletters boven het zoekvakje staan waarin gezocht wordt. Dus: “hiermee vindt u al het gedrukte materiaal"of “hiermee vindt u full text tijdschriftartikelen”. Je kunt ook half overlappende ingangen maken, als je weet hoe jou markt gesegmenteerd is. En dan, mijn favoriet, eventueel nog een aparte, geïntegreerde tijdschriftenlijst. Die hebben we tot veler grote spijt nog steeds niet in Utrecht.
O jongens en meisje,
deze discussie ga ik als casus in mijn colleges gebruiken.
Dank je wel!
Beste Jos, wat voor colleges?
Zoals jullie misschien weten houdt ook een werkgroep van de UKB zich hiermee bezig en die vergaderde afgelopen week. Het discussiestuk hierover is te vinden op: http://www.scribd.com/doc/14198835/Rol-van-de-catalogus-nu-en-in-de-toekomst-een-discussiestuk.
Daarin wordt o.a. ook een OCLC rapport genoemd waarin onder andere en met name de materie vanuit het perspectief van de (catalogus-)medewerker en vanuit het (volgens mij vermeende) perspectief van de gebruiker bekeken: http://www.oclc.org/us/en/reports/onlinecatalogs/fullreport.pdf
Mijns inziens wordt dit één van de belangrijkere discussies van de komende tijd: kan de vervanging van de lokale OPAC leiden tot een verbetering van de zoekervaring van de eindgebruikers en tevens tot rationalisatie van het werk van de bibliothecaris.
Overigens: de iPhone versie van Worldcat is in NL nog steeds niet te verkrijgen. Dat helpt natuurlijk niet in deze discussie.
Prachtig om te zien wat een blogposting als deze aan discussie kan oproepen. Ik begrijp de stellingname van Erik, maar voel ook veel voor de oplossingsrichting van Jeroen. In feite bestaat ‘dé oplossing’ voor dit probleem niet. Vandaar waarschijnlijk dat Jos er een casus van gaat maken voor zijn IDM-studenten van de HH, benieuwd welke reacties het onderwerp daar zal oproepen. Ik neem alle input uiteraard ook mee in de verdere discussie bij Fontys.
Hoe toevallig ook, binnen één week verschenen twee zéér relevante rapporten (zie laatste reactie van Michel). Ik heb ze alleen nog digitaal gescanned, maar zo te zien zijn het allebij ‘must reads’. Vooral het rapport van OCLC ga ik goed bestuderen, want gezien de focus daar op WorldCat moet je jezelf telkens blijven afvragen ‘what would OCLC do?’.
Lees ook de column van Eric Sieverts op IP-online.
Vanuit de praktijk merk ik dat klanten het verwarrend vinden dat, als je eenmaal een artikel gevonden hebt, je je erna af moet gaan vragen of dit tijdschrift digitaal of op papier aangeboden wordt. Op zich interesseert hun dat niet zoveel (oke, digitaal is makkelijker..) Dus ik zou pleiten voor 1 systeem met beiden soorten informatie erin. Tenzij alles duidelijk gelinkt is.
Overigens verwacht ik persoonlijke verschillen, eventueel geclusterd naar discipline. De meesten van mijn psychologen zijn niet geinteresseerd in de catalogus, want die is voor boeken (overigens geen wetenschappelijke verantwoorde steekproef). En ze zoeken daar dus ook niet. Maar ik begrijp dat voor de meer boek-georienteerde disciplines de catalogus een belangrijkere plaats inneemt.
Het valt mij op dat in de discussie nog niet de laatste ontwikkelingen van Discovery oplossingen zijn opgepakt. Stel nu dat je de eigen Repositories (archieven) en catalogus laat indexeren. Alle databanken aangevuld met een grote indexatie van wereldwijde bronnen daarbij aansluit en de Online journal collectie alleen gebruikt om aan te geven of een bron full text beschikbaar is.
Daarmee is het mogelijk om een zoek actie te starten over alle eigen bronnen en externe data de collectie gegevens maakt het mogelijk om de gebruiker alleen de in de bibliotheek beschikbare (full text en papier) resultaten terug te geven of alle resultaten.
Aangezien alle data is geïndexeerd verloopt de zoekactie snel, zijn er uitgebreide clusteringsmogelijkheden en filters en directe links mogelijk.
Op dit moment zijn er verschillende markt partijen aan de slag om een gehoste of locale versie van zo’n discovery oplossing te lanceren.
Om met de Beatles te spreken - Get Back - zou ik zeggen. Ofwel terug naar de basis, en de catalogus laten verwijzen naar in eigen collectie hebbende fulltext (papier of digitaal). In geval van digitaal kan de tekst gehost worden op servers van leveranciers maar door betaling en licentie is er recht op toegang. Nu komen bij zoekacties te vaak titels naar boven waar geen toegang toe is.