Is Social Bookmarking nog wel zo sociaal?
Op dit stukje zat ik al een hele tijd te broeden, maar het kwam er telkens maar niet van. Vandaag verscheen op Mashable echter het artikel ’Social Bookmarking: The Race to Be Famous or a Useful Tool?‘. Auteur Chris Miller legt nu precies de vinger op dezelfde zere plek als waar ik ‘m zelf ook in gedachten had.
....are we entering what I fear most– bookmarking and tagging as much as possible to become popular. When articles are being written on how to get yourself listed on the page that provides the most popular bookmarks on Del.icio.us we have entered into a popularity contest.
Social bookmarking gaat steeds minder over het vastleggen en delen van relevante sites, maar steeds meer over het streven naar een hoge positie op de populariteit-ranglijsten. Systemen als Digg en Readburner zijn weliswaar op zichzelf geen echte bookmarking-tools, maar toch is de door hen ingezette trend in vrijwel alle social bookmarking-tools terug te vinden én heel belangrijk gemaakt.
Het draait dus primair om je reputatie en veel minder om de kwaliteit van de informatie. Social bookmarking drijft zo dus steeds verder weg van de oorspronkelijke ‘save & share’ gedachte. In het pré 2.0 tijdperk heette dat overigens nog gewoon linkstacking, maar da’s weer een ander verhaal.
Tegelijkertijd merk ik persoonlijk ook een significante gedragsverandering in het vastleggen van voor mij belangrijke info; ik doe dat steeds minder via tools als Furl en Delicious, maar steeds meer direct vanuit de betreffende webservice, zoals bijvoorbeeld mijn online RSS-lezer Google Reader. Zeker vanaf het moment waarop de ‘Share with Note’ optie aan GReader werd toegevoegd, heb ik nog maar weinig behoefte gehad om een bookmarking tool te gebruiken.
Ongeveer hetzelfde gaat op voor interessante filmpjes op YouTube en mooie foto’s van anderen op Flickr, die sla ik ter plekke op als favoriet, dat gaat veel sneller en ze zijn dan direct gekoppeld aan mijn persoonlijke account bij die webservice. Idem voor SlideShare, Last.FM, LibraryThing en al die andere tools. Voor die weinige keren dat ik vrij surfend op het web nog iets memorabels tegenkom gebruik ik de uitstekende bookmarking-optie van Firefox 3, in combinatie met Weave heb ik die bookmarks ook overal tot mijn beschikking.
Nu geloof ik trouwens niet dat mijn hierboven beschreven gedrag zoveel anders is dan dat van andere web-bewoners, maar zie je het probleem? Favorieten worden niet langer via één dedicated tool opgeslagen, ze worden gefragmenteerd bewaard op een wijze die afhankelijk is van de betreffende webservice. Nu zijn er uiteraard ook weer services als Plaxo en FriendFeed waarbij je veel van je accounts bij sociale netwerken weer in één interface /kunt bundelen, maar qua functionaliteiten zijn dergelijke tools nog vrij beperkt (probeer bijvoorbeeld maar eens in Plaxo een in 2005 vastgelegde bookmark terug te vinden).
Kortom, de dedicated tools worden steeds minder kwaliteit- en steeds meer reputatie-gericht. Bovendien nemen steeds meer gebruikers hun toevlucht tot de bookmarking-opties binnen de webservices zelf, waardoor favorieten wel binnen de kaders van een sociaal netwerk gedeeld worden, maar niet meer daarbuiten. Hoe vreemd het ook mag klinken in het web 2.0 tijdperk, social bookmarking anno 2008 is zo sociaal niet meer.

Tja dit is in de wetenschappelijke wereld toch ook al jaren zo? Wetenschappers moeten artikelen publiceren en geciteerd worden. Zij worden niet afgerekend op de kwaliteit van hun onderzoek, maar op het aantal keren dat er naar hun onderzoek verwezen word.
Maar dat men op dit gebied naar kwantiteit kijkt, betekend niet dat de kwaliteit niet gewaarborgd is. Want de kwantiteit is in de wetenschappelijke wereld nu een van de weinige manieren om kwaliteit te meten. Er is geen duidelijke graadmeter voor de kwaliteit van wetenschappelijk onderzoek, behalve andere wetenschappers die hun oordeel over onderzoeken geven. En als veel wetenschappers aangeven dat een onderzoek goed gedaan is en bruikbaar is er hier veel naar gaan verwijzen (kwantiteit), kun je dus ook stellen dat de kwaliteit van deze artikelen goed is.
Misschien dat eenzelfde methode ook wel voor social bookmarks zou kunnen werken.
En anders is het zo slecht dat er op het web een populariteitswedstrijd gehouden word? Iedereen op het web zal zich op een of een aantal gebieden specialiseren en op deze gebieden een expert worden. Niemand kan op alle gebieden expert zijn en zal bij overtaggen en bookmarken snel genoeg niet meer serieus genomen worden.
Webgebruikers (althans degene die daadwerkelijk gebruik maken van social bookmarking en andere webtools) zijn uiteindelijk ook niet achterlijk en zullen de echte experts er toch wel uit weten te halen.
Misschien heel misschien is die populariteitswedstrijd online ook juist wel het bewijs dat het daadwerkelijk een sociaal netwerk is…
ik merk de laatste tijd dat ik juist meer delicious ben gaan gebruiken om interessante posts/sites in te bewaren dan bijvoorbeeld googlereader. Ik had gewoon teveel posts een ster gegeven. Nu doe ik rechtermuisknop, bewaar in delicious en klaar. Foto’s van flickr sla ik op als favoriet, dat dan weer wel, maar voornamelijk omdat dat makkelijker terug vindt. Maar voor de rest echt alles in delicious.
Wel interessant wat je schrijft want zo heb ik er nooit naar gekeken. Het gaat er toch om wat voor jou werkt en als dat delicious, furl oid is dan is dat toch prima. Als je daarmee hoog in de lijsten komt, ach leuk meegenomen, maar dat is toch geen doel op zich.
Enige nadeel van veel links in delicious is dat je af en toe moet schonen en vandaag is daar een prima dag voor!
Moqub
Ik gedraag me precies hetzelfde, hoewel ik nu voor betabibliotheek weer wat surf naar bronnen en daar Connotea weer voor gebruik.
Delicious gebruik ik eigenlijk alleen als verkapte backup van ZBD.
@Jeroen: Op die peer-review methodiek voor wetenschappers is anders ook behoorlijk wat kritiek, juist ook omdat kwantiteit geen garantie is voor kwaliteit. Wie herinnert zich bijvoorbeeld de affaire rond de Koreaanse wetenschappers nog?
@Moqub: het ‘scoren’ op de ranglijsten is voor mij ook helemaal geen issue, maar voor vele anderen wel omdat een hoge ranking veel verkeer naar de eigen site oplevert, en da’s weer goed voor de advertenties. It’s all about the money, as usual…
@Edwin: Connotea, da’s wel passend, voor wetenschappers he?
Het is inderdaad van Nature
Ik gebruik Connotea trouwens wel al langere tijd en heb er werkelijk nog nooit iets gedaan met artikelen of annotaties. Ook wel weer typisch....
@ Gerard Het systeem is idd niet ideaal. Wetenschappers (en andere informatiegebruikers) zullen altijd kritisch moeten blijven en zelf moeten blijven nadenken.
Maar ik denk dat dit wel een van de minst slechte systemen is die er binnen de wetenschap gebruikt wordt. Het grootste nadeel is alleen dat het in sommige gevallen idd leidt tot publiceren en citeren om het publiceren en citeren.
Dit komt in mijn ogen niet zo zeer door de wetenschappers zelf, maar door de organisatie rondom de wetenschap. Ooit letterlijk een universitair docent horen zeggen “Ja zo’n samenwerking zou leuk zijn, maar wie krijgt hier dan de credits voor? Wij worden afgerekend op artikelen die wij schrijven...”
Aan de andere kant werkt dit systeem binnen de wetenschap wel redelijk. Zou dit dan ook daadwerkelijk zo slecht zijn als dit in de virtuele wereld ook toegepast word?
Je schrijft:
“Tegelijkertijd merk ik persoonlijk ook een significante gedragsverandering in het vastleggen van voor mij belangrijke info; ik doe dat steeds minder via tools als Furl en Delicious, maar steeds meer direct vanuit de betreffende webservice, zoals bijvoorbeeld mijn online RSS-lezer Google Reader.”
Dat herken ik wel voor het vastleggen van zaken die ik al browsend tegen kom, maar niet voor informatie waarnaar ik op zoek ben geweest. Die info leg ik in delicious vast, juist omdat je daar ‘format’ onafhankelijk informatie kunt organiseren. Zo verzamel ik ter voorbereiding op mijn vakantie websites van bezienswaardigheden en restaurants die ik wil bezoeken, maar maak ik ook een lijstje van boeken die ik misschien mee wil nemen omdat ze het gebied waar ik naartoe ga als onderwerp hebben en link ik naar fotosets.