Web 2.0 & Project management
In dit stuk gaan we zien wat Web 2.0 is, de invloed ervan op projectmanagement en meer specifiek op de wijze waarop ICT-projecten volgens de principes van Web 2.0 zouden kunnen worden uitgevoerd. Daarbij kijken we uiteraard ook naar de veranderende rollen van degenen die vaak betrokken worden in dergelijke projecten; natuurlijk de projectmanager zelf, maar ook ontwikkelaars en, typisch Web 2.0, de gebruiker. Tenslotte komen een aantal project management 2.0 applicaties aan bod, maar laten we beginnen met de elementaire zaken.
Wat is Web 2.0?
Net zoals bij alles wat nieuw, trendy en hot is, kan eigenlijk niemand precies vertellen wat nu dé allesomvattende definitie van Web 2.0 zou moeten zijn. Wel bekend is wie de ‘eigenaar’ van de term is; Tim O’Reilly, CEO van O’Reilly Media Inc. , bedacht al in 2003 de term Web 2.0 tijdens een brainstormsessie, eigenlijk om het verschil aan te duiden met het ‘oude web’, zeg maar Web 1.0. Een poosje later, in 2005, leverder O’Reilly ook nog de eerste Web 2.0 mindmap op:
Kort daarna vatte Markus Angermeier alle relevante terminologie samen in de inmiddels bij velen bekende ‘Web 2.0 tag cloud’:
Ook tag clouds zijn typische web 2.0 verschijningen
Wie goed naar beide afbeeldingen kijkt, zal zien dat bijna al deze rondom Web 2.0 gedrapeerde steekwoorden evengoed van toepassing zijn bij de ontwikkeling van nieuwe- of verbetering van bestaande applicaties.
Inmiddels kijken de trendsetters alweer uit naar Web 3.0, dat zou er ongeveer zo uit moeten zien:
Een blik op het verleden, heden en nabije toekomst (afbeelding van Gary Hayes)
Maar laten we ons eerst nog concentreren op het ‘hier en nu’, want dat is Web 2.0 inmiddels zeker wel. Het is goed om te realiseren hoe enorm snel de bij Web 2.0 horende ontwikkelingen gaan. Een stelling als ‘het web als platform’ leek enkele jaren geleden nog een bijna utopische gedachte. Inmiddels wordt vrijwel iedere desktop-applicatie opgeleverd met additionele koppelingen naar een webinterface. Sterker nog, desktop- en web-enabled applicaties worden steeds schaarser en zullen vrijwel zeker veel terrein gaan verliezen ten opzichte van de steeds groter groeiende groep dedicated web-applicaties. Typische Web 2.0 technologieën, zoals bijvoorbeeld AJAX er één is, maken dat de gebruikerservaring van een web-applicatie bijna gelijkwaardig kan zijn aan die van een desktop-applicatie.
Anno 2007 zijn van vele soorten desktop-applicaties al online varianten te vinden, van tekstverwerking-software tot fotobewerking-tools en zelfs video-editing applicaties ‘leven’ nu 100% op het web. Niet alleen dat, ze gaan ook allianties met elkaar aan en maken gebruik van elkaars content en functionaliteiten. Daarmee is niet gezegd dat de desktop-applicatie ten dode is opgeschreven, maar het is wel een teken aan de wand dat een bedrijf als Adobe met een reputatie als bouwer van zware grafische software heeft aangekondigd dat ze van Adobe Photoshop een 100% webversie gaan uitbrengen met, volgens eigen zeggen, een gelijkwaardige interface en identieke functionaliteiten zoals die ook in de desktop-variant van Adobe Photoshop zitten.
Een boeiende ontwikkeling, en toch is dit punt niet helemaal de kern van Web 2.0. Men heeft namelijk heel goed in de gaten dat niet de interface, maar juist data de drijvende kracht is van een succesvolle toepassing. Die data, de content, komt in het Web 2.0 concept ook niet langer uit één aan de applicatie gekoppelde database, maar wordt (bijvoorbeeld via API’s) gedeeld met andere partijen in een groot decentraal netwerk. Content wordt steeds meer van elders gehaald en in de juiste context binnen de applicatie geplaatst. Diezelfde datastroom kan weer worden gemodificeerd en aangevuld door het collectief, en vanuit dat collectief wordt de bewerkte content ook weer ergens in het netwerk teruggeplaatst.
Eigenlijk is het niets anders dan het aloude idee van ‘vele handen maken licht werk’. Logisch gevolg van deze ontwikkeling is dat op zichzelf staande applicaties het ontzettend moeilijk zullen gaan krijgen. Ze hebben in dit model eigenlijk geen toekomst, simpelwerg omdat ze te geïsoleerd opereren. Want om een rol van betekenis te spelen op het niveau van Web 2.0, zijn waardes als openheid, gebruikersparticipatie en het vertrouwen in de kracht van het collectief zeer belangrijke factoren.
Klant is koning
Wellicht ligt hierin de echte kern van Web 2.0; in deze nieuwe wereld staat niet langer de organisatie, het product, het proces of de applicatie centraal, maar is het juist de gebruiker die de centrale positie inneemt. Dat lijkt op zichzelf een eenvoudige gedachte, velen zullen nu denken: “Ja, maar dat doen wij al, de klant is toch altijd koning?”
Dat lijkt bij de meeste ondernemingen wel zo, maar de realiteit is dat de klant (meestal de opdrachtgever en/of beoogd gebruiker) vooralsnog weinig meer dan het eindproduct, bijvoorbeeld een applicatie, krijgt voorgeschoteld. Lusten de klanten het eindproduct niet? Dan wordt het afgewezen product in het beste geval achter gesloten deuren geëvalueerd en in het ergste geval kan de projectleider zijn biezen pakken. De ontwerper moet van de nieuwe projectleider terug naar de tekentafel en de nieuwe marketingstrategie wordt ook weer achter gesloten deuren bedacht en uiteindelijk wordt het bijgeschaafde product opnieuw aan de opdrachtgever aangeboden of op de markt gebracht. Pas op dat moment staat de klant weer centraal, en mag deze zeggen wat ie er van vindt, maar dat is dus wel helemaal aan het eind van het productieproces.
In het Web 2.0 concept gaat deze ingesleten workflow drastisch op de schop, het uitgangspunt is ‘radical trust’. Wie het aandurft om zijn klanten, gebruikers en niet te vergeten collega’s in het werkveld écht te vertrouwen, moet transparant durven zijn in alle facetten van de bedrijfsvoering. Dat betekent nogal wat, want het vraagt een soort van openheid die het gros van de ondernemingen totaal nog niet gewend is, zeker niet in de ICT sector. En toch is die transparantie juist de drijvende kracht waarmee oorspronkelijk kleine startups als Flickr, YouTube, Digg, Skype en Technorati in no-time konden uitgroeien tot uitermate succesvolle en vooral onder de gebruikers extreem populaire internet-ondernemingen.
Vanaf het prille begin zijn ze namelijk direct de dialoog aangegaan met de klant en dat in alle openbaarheid. Daarvoor gebruiken ze laagdrempelige tools als blogs en wiki’s, die vanwege hun dynamiek en aggregatiemogelijkheden uitstekend geschikt zijn om de discussie met de gebruiker aan te gaan. Op deze manier kunnen ze direct anticiperen op opborrelende wensen uit de gebruikerscommunity, en heel belangrijk, ook kritische noten worden ter harte genomen. Dit levert niet alleen een almaar groeiende kern van zeer betrokken, trouwe en inhoudelijk deskundige gebruikers op, het zorgt ook voor een telkens wat beter product. Met andere woorden, een toepassing wordt beter naargelang het aantal betrokken gebruikers groter wordt (zie ook het boek ”The Wisdom of Crowds”, van James Surowiecki). En zo levert het Web 2.0 model winst op voor alle partijen.
Projectmanagement 1.0
Wie wel eens betrokken is geweest bij projecten, herkent vast wel de vaste structuur waarin alle stadia van het project van begin tot eind worden vastgelegd. In hele grote lijnen begint een project normaal gesproken bij de initiatieffase, vervolgens loopt de definitiefase over in de ontwikkel- en testfase, gevolgd door de implementatiefase en tenslotte wordt het project afgesloten met de evaluatie- en nazorgfase. Afhankelijk van de sector bestaan er natuurlijk vele varianten op dit basisprincipe. In de ICT sector is bijvoorbeeld PRINCE2 een veelgebruikt format voor projecten, in schema ziet dat er zo uit:
Het Procesmodel van Prince2 beschrijft de stages (vierkante gekleurde vlakken) en de controls (in rood). Via de zwarte pijlen wordt duidelijk in welke richting het model dient te worden doorgelopen, voordat verder gegaan kan worden. De Project Board heeft hierin een centrale rol. De groene stages zijn stages die meerdere malen herhaald kan worden, dus wanneer meerdere fases zijn vastgesteld. De blauwe stages zijn er altijd; een project wordt gestart en gestopt.
Zo’n schema ziet er behoorlijk indrukwekkend uit, aangevuld met de bij PRINCE2 horende al even indrukwekkende stapel aan documentatie zou het borg moeten staan voor een goed verloop van ieder project. En dat zal ook best zo zijn, tenminste zolang het niet gaat om projecten waarbij met name interactieve (web-)applicaties ontwikkeld worden. Het probleem met procesmodellen zoals PRINCE2 is namelijk dat ze allemaal hun oorsprong vinden in het pré-Web 2.0 tijdperk. Een project wordt opgestart, de projectgroep wordt bijeen gezocht, de applicatie opgeleverd en na de overdracht in de staande organisatie wordt een project weer afgesloten. Eind goed, al goed. Of toch niet?
Perptual beta
In Web 2.0 ziet het verloop van een ontwikkeltraject er compleet anders uit. Een belangrijke term hierin is ’Perpetual beta‘, een aanduiding waarmee wordt aangegeven dat een applicatie nooit af is, maar altijd in ontwikkeling blijft. Vandaar ook dat veel applicaties op het web zoals GMail, Flickr en Google Maps al meerdere jaren bestaan, maar nog steeds in ‘beta’-stadium verkeren. Dit model botst dus behoorlijk met de strakke projectmatige opzet zoals bij PRINCE2, waarin een project volgens een strakke lineaire planning wordt uitgevoerd. Web 2.0 gaat veel meer uit van een modulaire opzet waarbij niet ineens een hele applicatie wordt opgeleverd, maar telkens een deelpakket van het geheel aan functionaliteiten wordt vrijgegeven.
Dit lijkt bijna afbreuk te doen aan de kwaliteit en betrouwbaarheid van de applicatie en belangrijker nog, de verwachtingen daarbij van de klant en gebruiker, maar het tegendeel is waar. Volgens de Web 2.0 wetten kan na het ontstaan van het eerste idee al snel (soms zelfs al in minder dan één dag) begonnen worden met de ontwikkelfase, waarin alle aandacht gaat naar de eerste oplevering van een basissysteem. Door daarna zolang als nodig is duidelijk aan te geven dat een applicatie nog niet als ‘volledig operationeel’ beschouwd mag worden, kan de ontwikkelaar van een systeem of applicatie telkens weer nieuwe -nog niet noodzakelijk 100% werkende- functionaliteiten toevoegen en (laten) uitproberen. “Release early and release often”, is het hierbij horende credo.
Met een dergelijke opzet krijgt de klant, of meer direct, de beoogde gebruikersgroep een zeer belangrijke rol. Die hoeft niet langer te wachten tot het product klaar is, of zich te schikken in de rol van testpiloot. Iedere potentiële gebruiker krijgt de gelegenheid om betrokken te worden bij de ontwikkelfase. Men kan zich in principe -uiteraard afhankelijk van zijn of haar getoonde expertise- zelfs opwerken tot op het niveau van mede-ontwikkelaar. Om gebruikers daartoe de gelegenheid te geven is het wel belangrijk dat ze het vertrouwen krijgen van de projectleiding, al tijdens het prille begin van een project. Dat betekent dus inzicht geven in alle facetten van het projectplan, misschien met uitzondering van de financiële kant, maar verder dient het gebruikerscollectief met open vizier tegemoet getreden worden. Het projectplan vrijgeven, bijvoorbeeld via een wiki, is zondermeer een goede eerste stap, maar lang niet genoeg.
Communicatie 2.0
Het is misschien wel het meest onderschatte onderdeel van projectmanagement, de communicatie met de achterban. In het Web 2.0 tijdperk zijn er ruim voldoende mogelijkheden om de dialoog met alle betrokkenen op te starten en actief te onderhouden. Een weblog aanmaken kost minder dan vijf minuten, hetzelfde geldt voor wiki’s en chat-clients. De techniek achter die tools hoeft dus geen bottleneck te zijn, veel meer van belang dan welke vorm of combinatie van communicatie-tools je uiteindelijk gaat gebruiken, is dat het volledige projectmanagement zich committeert aan een daadwerkelijk open en transparante dialoog met alle betrokkenen. Er zijn een aantal basisregels te ontwaren uit de wijze waarop Web 2.0 bedrijven zich profileren in hun communicatie-uitingen:
- communiceer eerlijk en open
- hanteer een informele schrijf- en spreekstijl
- laat zien dat je benaderbaar bent en open staat voor suggesties
- gebruik je een blog? Laat dan reacties altijd toe! Modereren kan achteraf altijd nog.
- spoor gebruikers aan om met elkaar in discussie te gaan, bijvoorbeeld via een forum
- vraag bij iedere gelegenheid om feedback:
- rol een nieuwe functionaliteit uit, schrijf er een blogpost over en vraag om feedback
- verwerk binnengekomen feedback in een nieuwe blogpost, vraag om reacties van anderen
- belangrijke knopen doorhakken? Plaats een poll of vragenlijst online
- reageer altijd en zo snel mogelijk op feedback
- reageer zoveel mogelijk direct naar de hele community!
Google als leidend voorbeeld:
Google mag als maker van een groot aantal web-toepassingen met in totaal miljoenen gebruikers beschouwd worden als een belangrijke aanstichter en vaandeldrager van Web 2.0. Vanuit deze rol, samen met al hun ervaring hebben ze de nieuwe communicatie-spelregels prima begrepen. Kijk als voorbeeld eens naar de inhoud en opbouw van de Google Base Blog.
De Google Base Blog hanteert de Web 2.0 communicatie spelregels
De berichten zelf zijn vrij informeel en direct gericht op de gebruiker. Geen onnodige marketing-praatjes of onbegrijpelijke vaktermen, maar een heldere toonzetting en vooral ‘to-the-point’. Het eerste bericht gaat over onderhoudswerkzaamheden, die worden netjes aangekondigd met daarbij een verwijzing voor meer informatie naar de Google Base Help Discussion Group, een plek speciaal gecreëerd voor gebruikers van Google Base.
In het tweede bericht worden nieuwe functionaliteiten aangekondigd, in dit geval de toevoeging van een drietal protocollen genaamd MPN, UPC en ISBN. De auteur legt duidelijk uit hoe de nieuwe functionaliteiten gebruikt kunnen worden en wat de betreffende begrippen betekenen. Het bericht wordt afgesloten met de volgende alinea:
If you have any questions about this change, feel free to discuss it at this Google Groups thread. You might also find the answer you’re looking for on our FAQ.
Gebruikers worden hier expliciet uitgenodigd om hun feedback te geven, niet alleen aan de ontwikkelaars, maar geheel open en transparant op het gebruikersforum. Het spreekt voor zich dat de ontwikkelaars zelf uiteraard ook actief op het forum aanwezig zijn.
Een klein detail, maar wel zo belangrijk: Beide berichten bevatten niet alleen informatie voor de gebruikers van Google Base, ze worden ook op persoonlijke titel geschreven. Het vermelden van de naam van de schrijver komt veel geloofwaardiger over dan ‘geschreven door de Google redactie’, het is tegenwoordig een absolute voorwaarde om te kunnen bouwen aan een vertrouwelijke band tussen ontwikkelaars en gebruikers.
Dan de rechterzijde van het scherm, daar is prominent in beeld te lezen: “We love feedback; Send us your comments about Google Base or this blog.” Opnieuw een duidelijke indicatie die aangeeft dat Google Base serieus op zoek is naar de dialoog met de gebruikers van het product. Ook de andere opties, zoals de RSS-feed, email-nieuwsbrief en verwijzingen naar meer informatie over Google Base zijn allemaal handreikingen aan iedereen die betrokken wil zijn bij de verdere ontwikkeling van Google Base.
Google zet hoog in op gebruikersparticipatie, want hoe meer betrokken gebruikers, hoe beter de toepassing wordt. Da’s een nobel streven, maar ook niet onbelangrijk voor Google, meer gebruikers betekent uiteraard ook meer inkomsten.
Project management 2.0
In de slipstream van Web 2.0 worden ook allerlei andere termen voorzien van het 2.0 label, datzelfde geldt dan natuurlijk ook voor project management. De gedachte achter project management 2.0 is wel een interessante, het is een bruggetje tussen Web 2.0 en Enterprise 2.0. Gecombineerd staan die termen borg voor nieuwe en meer interactieve vormen van samenwerking binnen een organisatie. Project management 2.0 trekt die lijn door naar nieuwe vormen van interactieve samenwerking binnen projecten, waarbij de focus ligt op het eenvoudig kunnen delen van taken, agenda’s, notities en andere informatiestromen tussen leden van een projectteam. Met name in die situaties waarin de projectgroep geen vooraf afgebakend geheel is, en/of waarbij niet iedereen zich in hetzelfde gebouw of land bevindt, kunnen project management 2.0 tools uitkomst bieden.
Project management 2.0 omarmt ook het idee van ‘the wisdom of the crowds’, ofwel het gebruik maken van collectieve intelligentie. Door het toepassen van moderne project management applicaties wordt kennis niet alleen vastgelegd maar even zo makkelijk gedeeld. Belangrijker nog, de projectleider is niet langer de enige die de actuele status van de lopende processen kent. Met het instrumentarium van de project management tools kan men de gezamenlijke zorg dragen voor synchronisatie tussen alle processen en projectdeelnemers.
Een ander kenmerk van project management 2.0 is de sterk afgezwakte rol van het management zelf. Niet alleen de rol van de project manager zelf wordt minder prominent, maar vooral ook die van de stuurgroep en bovenliggende niveau’s. Steeds vaker zijn het spontaan ontstane samenwerkingsverbanden tussen diegenen die elkaar vinden op basis van gedeelde interesse en/of expertise. Dergelijke entiteiten gaan vaak vol energie met een onderwerp aan de slag, bij voorkeur zonder al te veel administratieve beslommeringen, want dat werkt vooral belemmerend in de voortgang. Project management 2.0 betekent voor het management dus ook ruimte geven aan bottom-up initiatieven, dat kan uiteraard middels het beschikbaar stellen van budgetten, maar nog beter door het faciliteren van project management 2.0 tools.
Project management 2.0 tools
Al sinds jaar en dag worden er applicaties ter ondersteuning van projectmanagement ontwikkeld. De eerste versie van Microsoft’s MS Project stamt bijvoorbeeld uit 1987, met recht een oude rot in het vak dus. Andere spelers op het veld zijn nog wat jonger, zoals TOPdesk of OPX2 van Planisware.
Enkele ontwerpprincipes van Web 2.0 zijn ‘accessibility’, ‘simplicity’ en ‘joy of use’. Dit wil overigens niet zeggen dat ingewikkelde functionaliteiten dan maar gelijk overboord gezet moeten worden, maar wel dient een applicatie zo gebruiksvriendelijk te zijn dat ie zonder veel training, het liefst zelfs geheel intuïtief in gebruik genomen kan worden.
Helaas is het gros van de ‘project management 1.0’ applicaties geheel nog niet afgestemd op de principes van Web 2.0, de vraag is zelfs of ze ooit nog wel in staat zullen zijn om deze toch vrij radicale omslag te maken. Bij de inrichting van dergelijke traditionele systemen is namelijk uitgegaan van een geïsoleerde desktop-omgeving waarin de projectmanager centraal staat. Als veronderstelde enige deskundige gebruiker van het systeem worden dan ook wel erg hoge eisen gesteld aan de inhoudelijke kennis van de projectmanager.
Traditionele project management applicaties hebben daarbij ook nog eens de neiging om functionaliteiten zodanig complex in te richten, met een overdosis aan mogelijkheden dat niemand ze ook echt gebruikt zoals oorspronkelijk bedoeld. Kortom, de projectmanager in het Web 2.0 tijdperk heeft nog maar weinig baat bij applicaties die uitgaan van methoden en technieken uit het verleden.
Gelukkig zijn er altijd wel weer individuen en bedrijven te vinden die zo’n gat in de markt snel weten te vinden en daarom hun uiterste best doen om project management tools te lanceren die wel zijn afgestemd op de nieuwe methoden en technieken. We zullen er een drietal kort bespreken:
BaseCamp
De website van BaseCamp, www.basecamphq.com
Zoals Internet Explorer lange tijd vrijwel alleen heerste over de browsermarkt, zo heeft BaseCamp al een tijdlang een onbetwiste monopolie positie in de nog prille wereld van project management 2.0 toepassingen. Het is dan ook de eerste doordachte toepassing die ontworpen is volgens de regels van Web 2.0. Dus volledig web based, makkelijk in het gebruik en inclusief een flinke dosis ingebouwde samenwerkingstools. De maker van de applicatie, 37signals, heeft overigens de core-code van BaseCamp als Open Source vrijgegeven onder de naam ‘Ruby On Rails’ en bracht daarmee de ontwikkeling van AJAX-toepassingen in een stroomversnelling.
GoPlan
De website van GoPlan, www.goplan.info
Een nog jonge, maar serieuze concurrent is GoPlan. Natuurlijk lijkt het concept erg veel op dat van BaseCamp, zelfs de onderliggende code is gecomponeerd met behulp van Ruby On Rails, maar toch hebben ze goed geprofiteerd van de wet van de remmende voorsprong waar BaseCamp als pionier op dit terrein nu last van begint te krijgen. Een aardige functionaliteit die vooralsnog alleen in GoPlan is ingebouwd is bijvoorbeeld de mogelijkheid om -naast een interne nieuwsvoorziening- ook een publieke projectblog te gebruiken, inclusief RSS-feed. Ook op andere onderdelen doet GoPlan net dat ene stapje extra waardoor het voor sommigen wellicht een interessante optie wordt om te switchen naar deze aanbieder.
ActiveCollab
De website van ActiveCollab, activecollab.com
Een wat vreemde eend in de bijt, deze Open Source toepassing gemaakt door de Servische programmeur Ilija Studen. De voornaamste reden voor Studen om ActiveCollab uit te brengen, was om een deuk te schieten in de monopolie positie van BaseCamp. Hij doet dat niet door de software veel beter te maken, hoewel die best in orde is, maar vooral door het business- en hostingmodel van BaseCamp aan te vallen. ActiveCollab mag namelijk gratis gedownloaded en geïnstalleerd worden op een eigen webserver, terwijl BaseCamp en ook GoPlan juist werken met centrale hosting en variabele abonnementsvormen.
Derek Punsalan publiceerde op zijn blog (www.5thirtyone.com/archives/791) een verhelderende vergelijking van de drie tools.
Conclusie
Wie handig is met webserver installaties en PHP5, voldoende heeft aan een basispakket en niet echt let op de wat ruwe interface, zou gratis en voor niets aan de slag kunnen met ActiveCollab. Wie liever geen omkijken heeft naar onderhoud, upgrades of server-downtime, kan tegen een kleine maandelijkse vergoeding heel snel aan de slag met de op afstand gehoste applicaties GoPlan en BaseCamp. Welke van de drie het beste is, dat is moeilijk te zeggen. Het kan per situatie verkeren, maar zowel ActiveCollab als GoPlan en BaseCamp kunnen zonder veel moeite en zonder kosten uitgeprobeerd worden. Datzelfde geldt overigens voor bijna alle web based project management applicaties.
Nog één tip: bij die project management applicaties waarbij dat niet kan, mag rustig worden aangenomen dat ze nog niet in het Web 2.0 tijdperk zijn aangeland.
Titel: Web 2.0 en Project management
Auteur: Bierens, G.J.M.
Samenvatting: In dit stuk gaan we zien wat Web 2.0 is, de invloed ervan op projectmanagement en meer specifiek op de wijze waarop ICT-projecten volgens de principes van Web 2.0 zouden kunnen worden uitgevoerd. Daarbij kijken we uiteraard ook naar de veranderende rollen van degenen die vaak betrokken worden in dergelijke projecten; natuurlijk de projectmanager zelf, maar ook ontwikkelaars en, typisch Web 2.0, de gebruiker. Tenslotte komen een aantal project management 2.0 applicaties aan bod, maar laten we beginnen met de elementaire zaken.
Trefwoorden: web 2.0; project; management; ICT
Uitgever: Weka, Amsterdam
ISBN: 9070829576
Jaar van uitgave: 2007
Documenttype: Deel- of hoofdstuk van een boek
Taal: NED
URL: http://www.gerardbierens.nl/index.php/wiki/Web-2.0-en-projectmanagement
Category:Articles Category:Web 2.0 Category:Projectmanagement

